Doorontwikkeling NEM Marters: op weg naar trendmonitoring
Het meetprogramma NEM Marters heeft veel waardevolle gegevens opgeleverd. Na acht jaar intensief verspreidingsonderzoek is het tijd om de balans op te maken. Hoe kan het meetprogramma worden doorontwikkeld om niet alleen de actuele verspreiding van bunzing en boommarter in kaart te brengen, maar ook om trends in verspreiding te kunnen berekenen?
Meer dan vijftig vrijwilligers hebben sinds 2016 met cameravallen en blikjes sardines de 'witte vlekken' op de verspreidingskaart verkend. In 209 uurhokken (5x5 km hokken) en op 905 locaties werd gezocht naar bunzing en boommarter. De resultaten waren veelbelovend: bunzing op 7 procent van de locaties, boommarter op 8,5 procent. Daarnaast leverden de camera's een schat aan bijvangsten op van vossen, reeën, dassen en egels. De verspreidingskaarten zijn door dit veldwerk flink aangescherpt.
Van verspreiding naar verspreidingstrends
De eisen om te rapporteren over soorten van de Habitatrichtlijn worden aangescherpt. Het is niet langer voldoende om te weten waar soorten voorkomen – er moet kwantitatief worden onderbouwd of de verspreiding uitbreidt, krimpt of stabiel blijft. Met de huidige werkwijze kan die vraag niet beantwoord worden. Het probleem: (nieuwe) gebieden worden onderzocht zonder systematische herhaling. Voor verspreidingstrends zijn juist herhaalde metingen op vaste locaties nodig, jaar in jaar uit.
Het CBS bevestigt dat de cameravalmethode uitstekend geschikt is om marters waar te nemen, maar ook dat de opzet anders moet. Van eenmalige bemonsteringen naar structurele monitoring van vaste locaties. Dan kunnen er via 'occupancy modelling' betrouwbare trends in de aanwezigheid van soorten worden berekend als ‘proxy’ (maat) van de verspreiding en populatieomvang van een soort. Dat is precies wat Europa van ons vraagt – en wat we nodig hebben om goed beleid te kunnen maken voor de bescherming van deze soorten.
Wat zou er kunnen veranderen?
De huidige evaluatie verkent verschillende manieren van monitoren. De meest ingrijpende verandering zou een nieuwe monitoringsopzet zijn: werken met een vast netwerk van locaties die elk jaar opnieuw worden bezocht. Vrijwilligers krijgen dan een 'eigen' gebied waar ze jarenlang actief zijn. Dit heeft duidelijke voordelen: je leert het terrein door en door kennen, weet waar de beste wildwissels lopen en waar geschikte plekken liggen voor cameravallen. Als lokale vrijwilligers meehelpen scheelt dat bovendien reistijd en kan er snel gereageerd worden wanneer een camera controle nodig heeft.
Natuurlijk roept zo'n nieuwe opzet direct praktische vragen op: Hoe vaak en hoe lang moeten locaties worden bemonsterd om betrouwbare trends te krijgen? Hoeveel locaties zijn eigenlijk nodig? Met welke factoren moeten de statistische modellen kunnen omgaan? En welke uitdagingen brengt de specifieke ecologie van bunzing en boommarter met zich mee? Samen met het CBS worden deze uitgezocht. Het doel is om ecologische kennis, wetenschappelijke analyse en praktische uitvoerbaarheid optimaal te combineren.
Daarnaast kijkt de evaluatie naar praktische verbeteringen in de dagelijkse gang van zaken: hoe ondersteunen we vrijwilligers het beste? Denk aan verbeterde trainingen, duidelijkere protocollen en gebruiksvriendelijke systemen. Hier ligt nog duidelijk ruimte voor verbetering.
Hoe gaat het verder?
De evaluatie is in volle gang. Vragen over fasering, benodigde capaciteit en vooral het behoud van alle opgebouwde kennis en ervaring worden zorgvuldig uitgezocht. Ondertussen gaat het huidige programma gewoon door – elke camera-foto (van welke soort dan ook) levert waardevolle data op.
Vragen, opmerkingen of ideeën over de doorontwikkeling van het NEM Marters programma? Neem gerust contact op met de coördinator. Ervaringen en inzichten zijn waardevol voor dit proces.
Telganger
Dit artikel is afkomstig uit de nieuwste editie van de Telganger. Deze nieuwsbrief verschijnt twee keer per jaar en geeft per meetprogramma een update van laatste resultaten en/of ontwikkelingen. Klik hier om je aan te melden om nieuwe Telgangers per e-mail te ontvangen en hier om oude versies te downloaden.
Tekst: Saskia Ruth, Vincent Elders (Zoogdiervereniging) en Felix Petersma (CBS)
Foto’s: Marcel de Bruin, Jan Fonken