Vleermuistunnel Noordelijke Hogeschool Leeuwarden
Doelstelling
Het gebruik van die duiker door watervleermuizen uit het Rengerspark gebied is onderzocht.
Inleiding
Op verschillende manieren wordt onderzocht of de duiker werkt, die de in het Rengerspark gebied aanwezige vleermuizen kunnen gebruiken, voor verplaatsing tussen dat gebied en de Dokkumer Ee.
Rosse vleermuis (© Wesley Overman)
Methode
Dagbezoeken: Voldoet de duiker?
Avondbezoeken: Welk deel van de watervleermuizen vliegt door de tunnel?
Een in de duiker opgehangen AnaBat SD1 detector registreert automatisch meerdere dagen de geluiden van passerende vleermuizen.
En zenderonderzoek: Drie watervleermuizen krijgen een zender, waardoor de dagrustplaatsen kunnen worden opgespoord.
Resultaten
De duiker wordt inderdaad gebruikt. Maar een deel van de dieren volgt de route bovengronds. En het zijn niet op alle avonden dezelfde aantallen, die door de duiker vliegen.
Op grond van expert judgement wordt verwacht dat, na de inrichting van het Kennisplein, alle watervleermuizen door de tunnel zullen gaan.
Ook blijkt dat er in totaal nog tien watervleermuizen zijn in het gebied, terwijl dat er in 2006 nog 27 waren.
Het onderzoek toont aan dat de speciaal aangelegde vleermuistunnel effectief is.
2009, R.M. Koelman, Vleermuistunnel Noordelijke Hogeschool Leeuwarden (pdf)