Nu in Zoogdier: oude braakballen

13 oktober 2014

Recent werd in de collectie ruimte van Naturalis een aantal oude braakbalpartijen in oude dozen aangetroffen, waarvan de meesten circa 65 jaar geleden verzameld waren. De partijen waren ordelijk per doos bewaard en gerangschikt, en waren voorzien van (de oorspronkelijk hand geschreven) etiketten met informatie over onder meer vindplaats, datum en verzamelaar.

De analyse van deze partijen geeft waardevolle informatie opleveren over de vroegere verspreiding en dichtheden van een aantal kleine zoogdieren, welke gebruikt kan worden voor de nieuwe Nederlandse Atlas voor zoogdieren en andere fauna projecten. Een vergelijking met huidige gegevens wordt een zinvoller wanneer er meer oude partijen beschikbaar zijn omdat de trends dan betrouwbaarder zijn.

Alle partijen werden geanalyseerd. Het openen van een oude doos met braakballen was steeds weer een verrassing. Soms ging het  om braakballen van blauwe reigers waar meestal nauwelijks resten van kleine zoogdieren zijn terug te vinden, maar soms ook tot grote kerkuilen partijen uit regio’s waar nog nauwelijks iets van bekend was.

Indrukwekkend waren de grote hoeveelheden luciferdoosjes en sigarenkistjes, waarop het minuscuul gekrabbel allerlei details over vindplaatsen en omstandigheden zijn opgeschreven. In de luciferdoosjes bevinden zich per bal eindeloze hoeveelheden schedelresten, vaak netjes uitgeplozen, maar nog nooit gedetermineerd, laat staan gedigitaliseerd

Uiteindelijk werden meer dan 3000 prooidieren in de braakballen op naam gebracht van in totaal verschillende  62 lokaties. De oudste braakbalpartijen waren afkomstig uit juni 1933 tot en met begin 1959. De meeste partijen komen uit de periode 1949, 1950 en 1951.

De braakballen waren afkomstig van 10 soorten predators. De meeste partijen waren afkomstig van de kerkuil (24 partijen). De ransuil was een goede tweede (11 partijen). Vervolgens waren 6 partijen van de torenvalk. Braakballen van andere predators waren slechts mondjesmaat vertegenwoordigd. Er werden 23 kleine zoogdieren in de braakballen vastgesteld. De meest bijzondere meldingen hadden betrekking op waterspitsmuis, veldspitsmuis, noordse woelmuis, ondergrondse woelmuis en de incidentele vondsten van egel, zwarte rat en eikelmuis. Daarnaast werden nog een klein aantal vogels en een klein aantal insekten aangetroffen.

Meer over het onderzoek staat in de zojuist verschenen Zoogdier nummer 3-2014 of lees het volledige artikel (pdf).

Afbeelding verwijderd.

Recent Verspreidingsonderzoek muizen aan de hand van braakbal analyse

Ook nu nog worden er braakballen van meestal kerkuilen verzameld, geplozen en geanalyseerd.  Ruim 12 jaar geleden is het Bureau van de Zoogdiervereniging gestart met het project ‘Onderzoek naar de verspreiding van muizen en spitsmuizen met behulp van  braakbalanalyse’. Op deze manier worden gegevens verzameld over de verspreiding van (bijna) alle in Nederland voorkomende soorten muizen en spitsmuizen. In het bijzonder gegevens van de noordse woelmuis en waterspitsmuis, maar ook van schaarse soorten als veldspitsmuis, ondergrondse woelmuis en grote bosmuis.

Dit onderzoek is mogelijk dankzij de hulp van alle braakbalverzamelaars en huidige pluizers , meepluizende werkgroepen / provinciale zoogdierenclubs. Op deze plaats bedanken we hen voor de (in sommige gevallen al jarenlange) inzet en het delen van informatie met de Zoogdiervereniging!

Meedoen? Doordat het aanbod aan braakballen groter is dan het aantal pluizers, zijn wij zijn op zoek naar vrijwilligers die het leuk vinden om vanuit huis braakballen uit te pluizen of ervaren pluizers die een extra partij willen analyseren. Geen ervaring? Geen probleem, braakballen pluizen is eenvoudig te leren en anders zoeken we een mede-pluizer met meer ervaring in de buurt. Meer informatie is te vinden op http://www.zoogdiervereniging.nl/node/725.

Tekst: Kees Mostert
Foto thumbnail: Wesley Overman