Bepaling Staat van Instandhouding vleermuizen voor een ruimtelijke ontwikkeling
19 april 2016
Een belangrijke voorwaarde voor het kunnen verlenen van ontheffingen of vergunningen in het kader van de Flora- en faunawet, en de Natuurbeschermingswet 1998, en straks ook in het kader van de Wet natuurbescherming, is dat de staat van instandhouding (SvI) van Habitatrichtlijnsoorten niet in het geding mag zijn. De Zoogdiervereniging heeft een methodiek ontwikkeld om deze SvI voor vleermuizen te bepalen in een concreet plangebied. De methode is beschreven in een artikel. Het artikel en de uitgebreide achtergrond analyse zijn gepubliceerd in Toets 01 16 en www.toetsonline.nl.
De basis voor het artikel is een analyse die Herman Limpens en Marcel Schillemans hebben opgesteld voor een concreet project. Het doel was om tot een gedegen en eenduidige afweging en advies te komen met betrekking tot of een ontheffing inzake de flora- en faunawet afgegeven zou kunnen worden. Voor het betreffende project was dat wel het geval. De ontheffing is verleend, mede vanwege de duidelijke analyse t.a.v. het al dan niet optreden van een effect op de SvI. Dat betekent dat RVO de methode bruikbaar acht.
Vaak worden bij ontheffingsaanvragen de afwegingen, of er wel of geen effect op de SvI optreedt, niet eenduidig gedaan, of zelfs niet expliciet opgenomen. Met de verschuiving van bevoegd gezag van rijk naar provincies, wordt een eenduidiger methode nog belangrijker. Daarom heeft de Zoogdiervereniging dit artikel en achtergrondanalyse opgesteld.
Rosse vleermuis (foto Wesley Overman).
Het artikel is tot en met 29 april gratis te downloaden via www.toets-online.nl/Methodiek_voor_staat_van_instandhouding.
De uitgebreide achtergrond analyse is te vinden via: www.toets-online.nl/Methodiek_voor_staat_van_instandhouding_webversie.
Neem voor meer informatie contact op met Marcel Schillemans via marcel.schillemans@zoogdiervereniging.nl.