Muskusrat
De muskusrat (Ondatra zibethicus) is de grootste woelmuisachtige van Europa. De vacht is bruin tot zwart aan de bovenzijde en lichter aan de onderzijde. Karakteristiek is de relatief lange, zijdelings afgeplatte staart. Het is een dier van langzaam stromende en stilstaande wateren met veel oever- en waterplanten. De muskusrat komt van oorsprong uit Noord-Amerika. In Europa en Azië is hij ingevoerd. Muskusratten ondergraven oevers en worden om die reden in Nederland intensief bestreden.
Uiterlijke kenmerken
De muskusrat heeft een dikke vacht met een donker- tot kastanjebruine bovenzijde en een lichter bruingrijze of grijs tot vaalwitte onderzijde. Sommige dieren zijn roodbruin en ook bijna zwarte dieren komen voor. De kop van de muskusrat is stomp en gaat ongemerkt over in het lichaam, dat kort en gedrongen is. De staart is zijdelings afgeplat, bijna zo lang als het lichaam, vrijwel onbehaard en zwart van kleur. De poten zijn kort, al zijn de achterpoten wel bijna driemaal zo groot als de voorpoten. De oren zijn nauwelijks zichtbaar. De ogen staan aan weerzijden van de kop en zijn donker. De snuit is lichter van kleur en heeft een donkere neusspiegel met lange, lichtgekleurde snorharen.
Afmetingen
Lengte kop-romp: 25-35 cm
Lengte staart: 19-27 cm
Gewicht: 600-1800 g
Gelijkende soorten
De muskusrat wordt vaak met andere knaagdieren verward. Vooral met woelrat, bruine rat en beverrat. Hij is een stuk groter dan woelrat en bruine rat, en duidelijk kleiner dan de beverrat. Maar het meest onderscheidende kenmerk is de staart. Deze is bijna even lang als het dier zelf, is aan de zijkanten afgeplat en heeft iets weg van een paling. Geen ander zoogdier in Nederland heeft zo’n staart.
Habitat
De muskusrat leeft langs de oevers van stilstaand en stromend water met een sterke begroeiing van water- en oeverplanten. Hij komt voor langs rivieren, meren, sloten, beekjes, plassen en kanalen, maar ook in moeras- en veengebieden.
Leefwijze
Muskusratten leven solitair en zijn doorgaans alleen in de schemering en ‘s nachts actief. Maar ook overdag worden ze wel waargenomen. Ze houden geen winterslaap, maar blijven de hele winter actief. De muskusrat is een zeer goede zwemmer en duiker, en kan tot een kwartier ondergedoken blijven. Hij gebruikt de staart voor de voortstuwing, en kan onder water lange afstanden afleggen.
Tweemaal per jaar, in het voor- en najaar, gaat de muskusrat op zwerftocht. In het voorjaar gaan de mannetjes (de rammen) en de vrouwtjes (de moertjes) op zoek naar elkaar ten behoeve van de voortplanting. In het najaar worden de jonge dieren weggestuurd door de ouderdieren en gaan ze op zoek naar een eigen territorium. Daarnaast trekken de muskusratten in het najaar instinctief van ondiepe poldersloten naar diepere wateren. Dit doen ze om te voorkomen dat ze bij een strenge winter door het ijs worden ingesloten. Ook groeit in dieper water vaker riet, waarvan de wortels in de winter worden gegeten. Tijdens de trek leggen muskusratten, vooral de mannetjes, flinke afstanden af. Soms wel een paar kilometer per dag.
Voedsel
De muskusrat is vooral een planteneter met een voorkeur voor waterplanten. Zo eet hij (schijn)grassen, zeggen, riet, lisdodde, bies en vlotgras. Hij eet hiervan vooral de onderste delen van de stengels en wortelstokken. Ook eet hij landbouwgewassen en soms zoetwatermollusken, kreeften en vis.
Territorium en leefgebied
Het leefgebied van een muskusrat beslaat doorgaans een oeverlengte van enkele tientallen tot honderden meters. Daarbinnen bevindt zich de burcht. Rond de burcht bakent de muskusrat een territorium af met een stof uit de anaalklieren, de zogenaamde muskusolie. Dit territorium verdedigt hij tegen andere muskusratten. Vrouwtjes verdedigen hun territorium agressiever dan mannetjes.
Verblijfplaats
De muskusrat graaft zelf een hol of past een reeds bestaand hol aan. Hiervan maakt hij zijn burcht, die bestaat uit verschillende kamers en enkele vluchtpijpen. De burcht wordt meestal in oevers gegraven. De ingangen liggen onder water, het overige deel van de burcht ligt boven de waterspiegel. Als de muskusrat geen burcht kan bouwen, zoals in zeer natte terreinen, bouwt hij een koepelnest. Dergelijke koepelnesten kunnen 1 tot 1,5 m hoog zijn met een doorsnede van 2 m. Ook de ingangen van een koepelnest bevinden zich onder water. In drogere gebieden overwinteren muskusratten ook meestal in een koepelnest.
Voortplanting
De voortplantingsperiode van de muskusrat loopt van maart tot september, maar soms tref je in zachte winters ook jongen of zogende vrouwtjes aan. Na een draagtijd van 4-5 weken worden er 3-8 (14) jongen geboren. Als ze drie weken oud zijn, gaan ze met de moeder mee op de rug het water in. De jongen zijn na ongeveer 30 dagen zelfstandig, maar ze blijven nog maanden in het territorium van hun moeder. Rond de vijfde maand zijn ze geslachtsrijp. Per jaar kan het vrouwtje 3 tot 4 keer een nest werpen.
Leeftijd
Een muskusrat wordt ongeveer 3 jaar oud. Veel jongen (80-90%) overleven de eerste winter niet. In gevangenschap kunnen muskusratten 10 jaar oud worden.
Natuurlijke vijanden
Natuurlijke vijanden van de muskusrat zijn roofdieren zoals de vos, bunzing, hermelijn, havik en bosuil.
De muskusrat staat sinds 2017 op de Unielijst van invasieve exoten.
In Nederland wordt de muskusrat beschouwd als een schadelijk dier. Hij ondergraaft oevers, dijken en kades. Dit wordt gezien als veiligheidsrisico, omdat dit kan leiden tot dijkdoorbraken en spoor- en wegverzakkingen, maar ook tot het wegzakken van landbouwmachines en verwonding van koeien.
Muskusratten worden intensief bestreden door beroepsjagers. De muskusrattenbestrijding wordt gecoördineerd door de Unie van waterschappen. Het doel is het jaarlijkse aantal gevangen dieren in 2034 in het hele land, tot aan de landgrens, teruggedrongen te hebben tot minder dan 500. Vanuit Duitsland, waar muskusratten wel worden bestreden, maar minder intensief, is er een constante instroom.
Impact op inheemse natuur
Er zijn sterke aanwijzingen dat de vraat van muskusratten aan water- en oevervegetatie een negatief effect heeft op (de ontwikkeling van) natuurvriendelijke oevers, verlandingsvegetaties en moeras. Sommige planten en vogels kunnen van deze vraat profiteren, bijvoorbeeld doordat er openingen ontstaan in gesloten moerasvegetaties. Maar er zijn zeker ook negatieve effecten, zoals op paaimogelijkheden van vissen, en op broedvogels als grote karekiet en purperreiger, die afhankelijk zijn van waterriet. In Duitsland bleken muskusratten grote schade toe te brengen aan populaties van (zeldzame) zoetwatermosselen, waarin ook sommige vissen hun eieren leggen.
Zicht
De muskusrat is een schuw dier, dat zwemmend kan worden waargenomen tijdens verplaatsingen in de ochtend- en avondschemering. Tijdens het zwemmen is het grootste deel van het lichaam (net) onder water en gebruiken ze hun staart voor de voortbeweging.
Sporen
• Vraatsporen
Vraatsporen aan water- en oeverplanten kunnen verward worden met die van woelrat, beverrat en bever.
• Uitwerpselen
Uitwerpselen van de muskusrat zijn 12-14 mm lang, de diameter is ca. 5 mm. Ze zijn cilindrisch en hebben stompe uiteinden. Ze bestaan uit plantenresten en zijn homogeen van structuur. Vers zijn ze groen(bruin) of beige Ingedroogde keutels zijn zwart en ingedeukt en lijken dan op die van bruine rat. Muskusratten deponeren hun uitwerpselen langs de waterkant of in het water. Vooral in voor- en najaar ook in groepjes bij elkaar als latrine (markering van het territorium) op iets verhoogde plekken, zoals graspollen.
• Loopsporen
De afdrukken van de voorvoet en de achtervoet van de muskusrat verschillen duidelijk informaat, maar minder sterk dan bij de beverrat. De voorvoet is 25-30 mm breed en tot 30 mm lang en de achtervoet is tot 35 mm of meer breed en tot 65 mm (incl. hiel) lang. De lange nagels vormen een geheel met de teenindrukken. De achtervoeten hebben geen zwemvliezen. Over de pootafdrukken heen is vaak een scherpe afdruk van de (zijdelings afgeplatte) staart zichtbaar. Looppaadjes van de muskusrat kunnen verward worden met die van watervogels, zoals eenden, meerkoeten en waterhoentjes.
Geluid
De muskusrat is meestal zwijgzaam, maar kan korte fluitende tonen maken. Jongen maken piepende geluiden. Tijdens de paring maken muskusratten kwakende tonen en bij agressieve ontmoetingen produceren ze met de snijtanden ratelende geluiden.
Waarnemingen doorgeven
Wereld
Het oorspronkelijke verspreidingsgebied van de muskusrat omvat bijna geheel Noord-Amerika. In Europa en Azië is hij ingevoerd. In Azië komt hij vanuit Europa oostwaarts voor tot in het oosten van Rusland. Daarnaast lokaal in enkele andere Aziatische landen, zoals in Mongolië en China. De muskusrat komt inmiddels ook lokaal voor in Chili.
Europa
In 1905 werden de eerste muskusratten voor de bontkwekerij naar Europa (Bohemen) gebracht. Door loslatingen en ontsnappingen kon de soort een groot van Europa koloniseren. Hij ontbreekt alleen in Groot-Brittannië, Ierland en een groot deel van Scandinavië en Zuid-Europa.
Nederland
In Nederland werd de eerste muskusrat in 1941 in Valkenswaard aangetroffen. Vanaf de jaren 1960-1970 kon de soort zich vanuit het zuiden en oosten snel over het hele land uitbreiden. Muskusratten hebben alle provincies gekoloniseerd, alleen op de Waddeneilanden kon de soort zich niet vestigen.
In de jaren 1990 en aan het begin van deze eeuw werden jaarlijks 250.000 tot meer dan 400.000 dieren gevangen. De bestrijding van muskusratten sorteerde pas vanaf 2005 een duidelijk effect, resulterend in een sterke afname van het jaarlijkse aantal gevangen dieren. De meeste vangsten vinden plaats in het grensgebied met Duitsland.
Na jaren van een dalende trend, werden er in 2025 weer meer dieren gevangen. De stijging vond vooral plaats in het westen van het land, terwijl elders in Nederland het aantal dieren bleef dalen. De verwachting is dat de dalende trend zich landelijk zal voortzetten.
De muskusrat staat op de Unielijst van invasieve exoten.
- Nederlands Soortenregister
- Factsheet NVWA
- Wetgeving en beleid
- Standpunt exoten
Klasse: Mammalia (Zoogdieren)
Orde: Rodentia (Knaagdieren)
Familie: Cricetidae (Woelmuisachtigen)
Geslacht: Ondatra
Soort: Ondatra zibethicus
-
2023 Losse artikelen - Telganger
Verspreidingsonderzoek Exoten 2021-2022
-
2022 Losse artikelen - Telganger
Verspreidingsonderzoek Exoten, 2021
-
2022 Losse artikelen - Telganger
Meetprogramma Dagactieve Zoogdieren 1994-2021
-
2022 Losse artikelen - Telganger
Verspreidingsonderzoek Exoten, 2020-2022
-
2021 Tijdschrift Zoogdier
Zoogdier_jaargang_32_1_2021_voorjaar
-
2021 Tijdschrift Zoogdier (digitaal)
Zoogdier digitaal / jaargang 32 / nr.1 / voorjaar 2021
-
2019 Rapportages onderzoek
NEM Meetprogramma Exoten 2019
-
2019 Rapportages onderzoek
NEM Meetprogramma Exoten 2019
-
2019 Losse artikelen - Lutra
Damage to dykes and levees in the Netherlands is extensive and increases with muskrat (Ondatra zibethicus) density
-
2019 Tijdschrift Lutra
Lutra 62-1 2019
-
2019 Kijk op Exoten
Kijk op Exoten 26
-
2018 Rapportages onderzoek
NEM Meetnet Exoten 2018
-
2017 Kijk op Exoten
Kijk op Exoten 20
-
2015 Losse artikelen - Lutra
Lutra 59(1-2)_Bos et al_2016
-
2014 Rapportages onderzoek
2014.15 Rapportage_Veldproef muskusratten_Pilot zenderonderzoek
-
2013 Rapportages onderzoek
2013.08 Levend_vangen_hanteren_en_merken_van_muskusratten_Bart_Meijer_2013
-
2011 Tijdschrift Zoogdier
Zoogdier / jaargang 22 / nr. 2 / zomer 2011
-
2010 Tijdschrift Zoogdier
Zoogdier / jaargang 21 / nr. 2 / zomer 2010
-
2008 Tijdschrift Zoogdier
Zoogdier / jaargang 19 / nr. 3 / oktober 2008
-
2008 Tijdschrift Zoogdier
Zoogdier / jaargang 19 / nr. 2 / juni 2008
-
1999 Nieuwsbrief Castor
Castor 006 / 1999 (pdf)
-
1993 Tijdschrift Zoogdier
Zoogdier / jaargang 04 / nr. 3 / september 1993
-
1992 Tijdschrift Zoogdier
Zoogdier / jaargang 03 / nr. 1 / maart 1992
-
1991 Tijdschrift Zoogdier
Zoogdier / jaargang 02 / nr. 1 / maart 1991