Begeleiding herstelwerkzaamheden kantongerecht Tilburg - Mitigatie- en compensatieplan vleermuizen

Het gebouw waar het kantongerecht in Tilburg is gehuisvest, is al lange tijd bekend als vleermuisverblijfplaats. Regelmatig zorgden vleermuizen voor overlast in het gebouw. In 2008/2009 zijn maatregelen genomen die de overlast reduceerden, maar toch werden daarna nog vleermuizen in de binnenruimten gevonden. In 2011 werd door onderzoek duidelijk dat het gaat om een winterverblijfplaats en mogelijk ook om een zomerverblijfplaats van vleermuizen. In de periode 2011-2013 zijn diverse maatregelen genomen om de overlast te beperken. De genomen maatregelen waren het gedeeltelijk vullen van de spouwmuur naast de invliegplekken en het opnieuw voegen van delen van de gevel die ook dienden als invliegplek. Dit is zodanig uitgevoerd dat de kwaliteit als winterverblijfplaats voor vleermuizen sterk achteruit is gegaan.  
 
De Rijksgebouwendienst is voornemens het gebouw te renoveren. Onduidelijk was welke vleermuisfuncties nu nog aanwezig zijn, en wat het huidige belang voor vleermuizen is. In 2010/2011 is onderzoek gedaan naar de aanwezigheid van vleermuizen (Korsten, 2010). In 2015 is dit onderzoek herhaald, om veranderingen in aantallen vleermuizen en functies te onderzoeken. 
 
Het vleermuisonderzoek in 2015 bevestigde de aanwezigheid van drie functies van de mogelijk vijf in 2010 vastgestelde functies op basis van expert judgement. Gewone dwergvleermuizen gebruiken het gebouw in elk geval nog als nazomerzwermlocatie, winterverblijfplaats en paarverblijf. Een zomerverblijfplaats van gewone dwergvleermuizen was in 2015 afwezig, evenals de functie van nazomerzwermlocatie/winterverblijfplaats van laatvliegers. 
 
De visuele observaties en de recorderopnamen in 2015 geven aan dat de aanwezige populatie veel kleiner is dan in 2010/2011. Een grove inschatting op basis van een vergelijking van de data van beide jaren, is dat de populatie met 50-80% is gereduceerd. Deze teruggang is waarschijnlijk geheel te wijten aan kwaliteitsverlies van de vleermuisverblijfplaats. 
 
Werkzaamheden aan het gebouw kunnen leiden tot negatieve cumulatieve effecten op de nog aanwezige populatie. Hierdoor zijn alleen maatregelen en uitvoeringen mogelijk die geen negatief effect hebben op deze populatie. Tevens is de eigenaar verplicht herstelmaatregelen uit te voeren, zodanig dat de eerdere omvang van populatie wordt hersteld.  
 
Indien in en om de verblijfslocaties toch maatregelen nodig zijn die een negatieve invloed hebben op de nog kleine aanwezige populatie, is een ontheffing Flora- & faunawet noodzakelijk. Voorafgaand aan een aanvraag van een dergelijke ontheffing zal de populatie eerst in een gunstiger staat gebracht moeten worden. Aanbevolen wordt gezien de geldigheidsduur van de ontheffing, een aanvraag niet eerder dan 1 juli 2016 in te dienen bij het Ministerie van EZ. In dat geval kan de ontheffing tot eind 2019 worden gebruikt, zonder dat een verlening nodig is.