Advies vleermuizen – essentiële vliegroute Professor Schoemakerplantage Delft.

Ten behoeve van het vaststellen van het bestemmingsplan voor de ontwikkellocatie ‘Professor Schoemakerplantage’ te Delft, zijn diverse natuurtoetsen en onderzoeken uitgevoerd. 

  • flora en faunaonderzoek watertuinen te Delft 2010 (AMDE100540)
  • Actualisatie Natuuronderzoek Professor Schoemaker plantage te Delft (DESC141257)
  • Ecologisch onderzoek vleermuizen en vogels de Watertuinen van Delft Te delft (AMDE110114)
  • Bomeninventarisatie tbv behoud vliegroute gewone dwergvleermuis Professor Schoemaker Plantage te Delft (AMSC141294). 

 
Deze zijn allen beschikbaar in de door de gemeente Delft opgestelde ‘Bijlage bij de toelichting - Bestemmingsplan Professor Schoemaker Plantage’.  
 
In deze natuurtoetsen en –onderzoeken zijn de soorten gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, rosse vleermuis en laatvlieger foeragerend vastgesteld, zijn geen verblijfplaatsen van vleermuizen in bomen of gebouwen in het plangebied vastgesteld, en is  van de gewone dwergvleermuis een essentiële vliegroute vastgesteld langs de watergang parallel aan de Professor Evertslaan.  
 
Vanuit de Flora en Faunawet, en ook vanuit de toekomstige Natuurwet, zal de functionaliteit van deze essentiële vliegroute behouden moeten blijven, door effecten vanuit de ontwikkeling van het plangebied te vermijden, mitigeren of compenseren.  
 
Voor vaststelling van het bestemmingsplan geldt dat de gemeenteraad het bestemmingsplan niet kan vaststellen, indien en voor zover hij op voorhand in redelijkheid had moeten inzien dat de Ffw aan de uitvoerbaarheid van het plan in de weg staat.1  
 
Het bureau van de Zoogdiervereniging is gevraagd om op basis van - de bevindingen in de beschikbare natuurtoetsen en –onderzoeken, - informatie en vragen van de gemeente in de vorm van een overleg (en per email) en - een veldbezoek, de gemeente te adviseren over de maatregelen die de haalbaarheid van het behouden van de functionaliteit van de essentiële vliegroute van gewone dwergvleermuizen, en hoe deze maatregelen in te passen zodat op voorhand (voor vaststelling van het bestemmingsplan) duidelijk is dat de flora- en faunawet de vaststelling van het bestemmingsplan niet in de weg staat. 

In deze notitie worden de bevindingen uitgewerkt.